Waaron (niet) de BMI
Als men het heeft over wat je moet wegen wordt daar altijd de BMI bij gehaald terwijl die index helemaal niets zegt over je gewicht.
Het is een verhoudingsgetal tussen gewicht en lichaamslengte, meer niet.
Buiten de BMI zijn er ook nog een heleboel andere formules bedacht om het ideale gewicht van iemand uit te rekenen. Alleen kan je dat ideale gewicht niet alleen uit het gewicht en de lengte van iemand berekenen. Dan moet je ook het geslacht meenemen, of iemand tenger of juist fors gebouwd is, hoeveel vet men heeft en hoe gespierd iemand is.
Hamwi-formule
Heel veel formules zijn behoorlijk ingewikkeld, bijvoorbeeld de Hamwi-formule:
Voor mannen: 48,0 + (lengte -152,4): 2,54 x 2,7
Voor vrouwen: 45,5 + (lengte-152,4): 2,54 x 2,2
Een man met een lengte van 1,75 m zou dan 72,02 kg moeten wegen.
Ondoenlijk om deze formule te onthouden en om hem uit te rekenen heb je een rekenmachine nodig. De BMI formule is makkelijker te onthouden maar ook dan moet je wel goed kunnen rekenen of heb je een rekenmachine nodig.
Wat hierbij niet meegenomen is, is de lichaamsbouw, hoeveelheid vet en gespierdheid en daar bestaat dus gewoon geen formule voor.
Gemiddeld
Als je het gemiddelde neemt van alle nietszeggende formules dan zou je dus ook gewoon kunnen nemen lengte – 100, om het makkelijk te houden. En wat blijkt die formule bestaat ook nog! De Broca-index!
Deze Broca-index werd vroeger gebruik in apotheken omdat het makkelijker en sneller was dan de BMI. Men had namelijk vaak alleen een “wat zou iemand moeten wegen met die lengte’ ongeveer gewicht nodig.
Bedacht
Maar dan nog zijn dit formules die bedacht worden, omdat men denkt dat dit het gewicht is dat men zou moeten wegen.
Levensverwachting
Er zijn verschillende levensverzekeringsmaatschappijen geweest die verband legden tussen de lengte en het gewicht van personen en hun levensverwachting.
Hierdoor kwam men uit op een maximale MBI voor vrouwen van 27,3 en voor mannen van 27,8.
Deze waardes voorspelden de langste levensverwachting.
Maar de waardes die men gebruikten waren niet gemeten maar waren gegevens die de polishouders zelf opgegeven hadden, dus ook niet echt nauwkeurig. Bij zelfrapportage zijn vooral vrouwen geneigd om een lager lichaamsgewicht op te geven en hun lichaamslengte wat te overdrijven. Dus die waardes zouden eigenlijk nog wat hoger moeten liggen. Vandaar dat men geen rekening meer is gaan houden met geslacht. Verder heeft men niet gekeken naar vetpercentage, bouw en levensstijl.
En om het eenvoudig te houden werd de waarde bijgesteld naar 27 als bovengrens.
Een ondergrens werd bepaald op een BMI van 22 maar waar deze nou eigenlijk vandaan komt weet men ook niet precies.
Al dit soort berekeningen en onderzoeken dateren vanaf begin 1800 tot begin 2000.
Broca-index
De eenvoudige Broca-index houd geen rekening met geslacht, maar dat hoeft dus ook kennelijk niet, en ook niet met de lichaamsbouw.
Wat men daarop gevonden heeft is dat je 10% onder het gewicht gaat zitten als iemand tenger is en 10% boven dat gewicht als iemand fors gebouw en gespierder is. Waarom dat 10% is en geen 5% of 15% weet niemand.
Iemand die 175 cm lang is zou dus zo ongeveer 75 kilo gemiddeld moeten wegen.
Tenger = 75 - 7,5 = 67,5 kg als ondergrens en fors gebouwd en gespierd = + 10% = 75 + 7,5 = 82,5 kg als bovengrens.
Het grappige is dat iemand met een lengte van 1.75 en een gewicht van 82,7 kg een BMI heeft van 27, en dat is dus de BMI met de hoogste levensverwachting!
En iemand met een lengte van 1.75 m en een gewicht van 67,4 kg een BMI heeft van 22.
Zit je 20% boven de Broca-index dan zit je in de buurt van een BMI van 30, zit je 20% onder de Broca-index dan zit je in de buurt van een BMI van 20.
Ben je er dan? Nee nog niet, je moet nog iets gaan doen met een vet percentage.
Ook dat kan je meten, vet heeft meer elektrische weerstand dan spieren dus door die weerstand te meten kan je weten wat het vetpercentage is.
Is dat nauwkeurig, welnee maar het staat interessant als je op een soort weegschaal gaat staan die je vetpercentage aangeeft.
Ook daar is een veel eenvoudigere methode voor, het meetlint!
Buikomvang
Meet je buikomvang waar je taille zit, of zou moeten zitten, ongeveer ter hoogte van je navel, voor mannen moet dat normaal gesproken tussen de 79 en 94 cm (max 102 cm) zijn en voor vrouwen normaal gesproken tussen de 68 en 80 cm (max 88cm) zijn.
Zit je met je gewicht redelijk binnen de 10% maar is je buikomvang te groot dan moet je nog wat afvallen voor een gezond gewicht.
Of dit voor jouw het ideale gewicht is bepaal je helemaal zelf. Ga in je ondergoed, of gewoon in je blote kont, voor de spiegel staan en kijk goed naar jezelf, tevreden, das mooi, niet tevreden dan kan je daar nog wat aan doen maar doe dat heel rustig aan.
Meten of wegen
Er wordt wel gezegd dat je beter kan meten dan wegen.
Als je gaat afvallen dan zal je dat eerder merken aan je omvang dan aan je gewicht, waarom is dat, om het simpele feit dat dit tastbaarder is.
Kan de weegschaal dan de deur uit? Nee want omgekeerd geld dat namelijk ook, als je aankomt merk je dat eerder aan de weegschaal dan aan je omvang.
Dus je gewicht moet overeenkomen met een BMI van tussen de 22 t/m 27. Echter je komt overal een bovengrens tegen van 25. Deze grens is ingevoerd in 1995 door de World Health Organization (WHO), met name omdat deze grens makkelijker te onthouden was, pfff, boven de grens van 25 heb je overgewicht. En omdat men steeds dikker werd is er een grens gesteld van 30 dat geld voor extreem overgewicht.
Deze hoofdstukken gaan over afvallen en ik ga er daarbij van uit dat je een gewicht hebt van meer dan ((lichaamslengte – 100) +10%) en een te grote buikomvang.